‘Go back to the city, boy, that’s where you belong.’
Nee, het is me niet gezegd, maar het had gekund. Eigenlijk is het een stemmetje dat tegen me sprak toen ik op de trein terug zat van het landelijke Lilydale, gelegen aan de rand van het Dandenong gebergte, naar Melbourne. Het einde van een week werken en slapen op de Emily Hill Blueberry Farm te Emerald. Even proeven van het ‘woofing’-principe, een systeem dat in Australië vaak toegepast wordt en waarbij voornamelijk backpackers op een boerderij of landgoed gaan werken in ruil voor kost en inwoon. Het leek me een beter idee dan weer een week (of twee) in de stad te lanterfanten en geld te spenderen. Bovendien zou ik op die manier, na mijn tomatenavontuur, weer even in touch met de natuur komen. Wat toch ook één van de redenen was waarom ik naar Australië afzakte.
Ik kwam er in de handen terecht van Sue en Chester, een koppel van rond de 60, die met de Emily Hill Farm een enorme lap grond bezitten dat hen eigenlijk veel te groot is geworden. Honey (een boxer), Teddy (een terriër) en Meegs (een mengeling van vanalles) zijn er de drie lijfwachten van dienst. Verder nog enkele kippen –negen om exact te zijn, die moest ik namelijk elke avond tellen alvorens ze weer in hun hok te jagen-, koeien, ossen, alpacas (een soort lama, zie foto), eenden, hagedissen, slangen en vooral veel spinnen. Groot en klein, maar vooral groot. Ze doden is uit den boze, deze organical farm staat immers achter de filosofie van wild life conservation. Groenten worden uit de eigen tuin geplukt, regenwater wordt tot drinkwater gedistilleerd, brood wordt zelf gemaakt, aardappelen zelf geteeld en spinnen worden nooit, NOOIT, gedood.
Ik heb gezondigd, Mijn Heer. Na welgeteld twee dagen. Samen met Reiko, een Japanse die al enkele weken op de boerderij... euh... ‘woofte’, hadden wij ons onderkomen in de schuur. De familie woonde honderd meter verderop in een moderne woning met een werkelijk fenomenaal uitzicht op hun landgoed. Nu, onze schuur was ook niet onaardig.
Tamelijk modern ingericht, met tv, keuken en jawel, verlichting. Maar de garageboxen met alle materiaal lagen er pal naast en de deuren stonden er 24u op 24u open. Met andere woorden: Welcome my animalfriends! Ik kan u vertellen, geen mug of insect kan mij in België nog irriteren na mijn snelcursus insectmanagement op de Emily Hill Farm. En doden mag dus niet, de truuk is dat je in een kamer naast de jouwe (bijvoorbeeld in het opberghok) het licht aandoet zodat alle beesten naar daar verhuizen en jouw kamer insectenvrij wordt. Lukt aardig, hoor. Behalve voor de spinnen, die zijn lichtimmuun zo mocht ik ondervinden. Dag twee dus. Moe van een dag hard labeur (onkruid wieden bij 38 graden, zes uur aan een stuk) liep ik de trappen op naar mijn bed, knipte het licht aan en zag hoe een spin ter grootte van mijn handpalm –echt niet overdreven!- en met nog harigere poten dan de mijne zich een baan naar mijn bed toewerkte. Omdat er geen reanimatieteam in de buurt te bekennen viel, besloot ik toch maar niet van mijn sus te gaan. Om niet compleet belachelijk over te komen op Reiko liet ik ook het hysterisch gillen achterwege. Reiko, opgegroeid op een rijstplantage nabij Kobe, wist wel hoe met zo’n harig ongedierte om te gaan: gewoon negeren en onder de wol kruipen.
Say what?!!!!! Geen haar op mijn hoofd dat daarmee akkoord ging. Enfin, omdat Reiko aanvoelde dat mijn stadsreflexen zouden zegevieren, begaf ze zich naar haar kamer om mij zo de gelegenheid te geven te doen wat ik moest doen... Eerst probeerde ik spinnemans nog te vangen in een plastieken kom, maar tot mijn verbazing bleek hij niet vriendelijk te wachten tot ik hem kon vangen. Uiteindelijk stierf spinnemans een chemische dood na een gemene en laffe spray-aanval. Ik had gezondigd tegen de wetten van de Emily Hill Farm. Sorry.
Enfin, om de week samen te vatten, het werd een leerzame test op twee fronten. Enerzijds het levensritme en de confrontatie met de natuur. Anderzijds het samenleven met iemand van een totaal verschillende cultuur dan de mijne.
Een doorsneedag zag er zo uit: opstaan om 6u30, ontbijten, Chester en Sue komen aan de schuur toe om 7u15 nadat Reiko en ik de poorten en de winkel op het landgoed gaan openen zijn. Werken (grasmaaien, onkruid wieden of rotte planten te lijf gaan met schop en riek) tot 10u30, dan was er immers een kleine theepauze voorzien. Terug beginnen om 11u tot 13u. Nadien lunch bereiden en afruimen. In principe volgde dan het rustgedeelte, maar Sue zorgde ervoor dat er altijd wel iéts te doen viel. Planten water geven, honden voederen, de schuur opkuisen etcetera... ’s Avonds werden we dan ofwel bij hen thuis uitgenodigd om te eten, ofwel gaven ze ons wat vlees om zelf te bereiden in onze schuur. Om 19u moesten de kippen in hun hok en de poorten van het landgoed weer gesloten worden.
Daarvoor kregen we de ‘Twister’ tot onze beschikking: een quad om de toch aanzienlijke afstanden mee af te leggen. Eigenlijk was dat het leukste gedeelte van de dag. Bij zonsondergang met de Twister rondhossen en de wind in je haren voelen terwijl je van het uitzicht geniet. Voor het slapen gaan nam je dan nog snel een douche in de badkamer die zich buiten de schuur bevond. Spinnen (niet de grote harige, gelukkig) en allerlei andere insecten bewogen rond je, maar daar wen je verbazend snel aan. Uiteindelijk hebben die beesten meer schrik van jou dan omgekeerd, heb ik daar geleerd.
Tot zover de eerste challenge. Dan de tweede: de Aziatische cultuur. Reiko was een vriendelijk meisje, 31 jaar, klein en tenger. Dapper en haast emotieloos. Een beetje zoals ik het me had voorgesteld van een Japans meisje, om eerlijk te zijn. Hoewel ik mezelf op dat vlak toch graag openminded mag noemen, bleek het niet evident om dag in en dag uit met een Aziatische samen te leven. Het is bijvoorbeeld heel lastig om in te schatten wat ze bedoelen met hun carnaval aan geluiden. OOO, AAA, MMM en alles begeleid met een schuin of knikkend hoofdje. Je weet dus nooit echt zeker of ze iets positief of negatief beantwoorden, waarna je dan tien keer vraagt: “You mean yes or no?” Waarna zij weer: “Oooo, aaahhh,mmm...” In haar ogen geen spoor van bevestiging te lezen. Een ander aspect van hun cultuur is dat, zeker de vrouwen, zichzelf nooit een rustmoment gunnen. Zodra er een dood moment dreigde te vallen, zocht Reiko een nieuwe taak om te vervullen. De was doen, de keuken opkuisen (zelfs al was die kraaknet), lunch voor de volgende dag maken,... eender wat. Alsof ze bang was een moment van bezinning toe te laten. Van de wereld wist Reiko, hoewel in haar thuisland bankbediende, bijzonder weinig. U2? Nooit van gehoord. België? Nooit van gehoord. Zorg gewoon dat je altijd iets om handen hebt, was het devies. Soms denk ik dat het op die manier is dat de overheid in vele Aziatische landen het volk dom en vooral koest probeert te houden. Al is het uiteraard gevaarlijk verregaande conclusies te koppelen aan één enkele ervaring. Maar toch. Het feit dat Sue en Chester voornamelijk en graag Aziaten zien toekomen op hun farm, pleit in het voordeel van mijn theorie. Uitbuiting is van alle tijden.Een ander aspect waren de eetgewoonten. Slurpen en smekken alsof het een Olympische sport betrof en zij glorieus voor goud ging. De eerste dagen negeer je dat nog makkelijk, maar na een tijd begint dat vlakaf te irriteren. Besluit na dat weekje Japanologie: misschien ben ik dan toch niet zo tolerant en openminded als ik dacht? Ik weet het niet. Misschien moet ik hetzelfde principe als Reiko hanteren: altijd werk creëren zodat je daar niet hoeft over na te denken.
Reiko in het winkeltje van de Emily Hill Farm
Uiteindelijk vond ik de verhouding werk/rust –zeker aangezien er geen rotte frank mee verdiend werd- toch te weinig in balans om langer dan een week op de organical farm te blijven, op zaterdag keerde ik dus terug naar Melbourne. Het stemmetje in mijn hoofd had gewonnen: “Go back to the city, boy, that’s where you belong.” Aan een koffietje slurpen, met de mensen praten, schrijven, in een boek bladeren, kranten uitpluizen, cultuur absorberen. Ik besef nu ten volle dat dat de olie is die mijn motor doet draaien.
Maandag trouwens nog naar een concert van AC/DC (of AccaDacca zoals ze hier zeggen) in de Etihad Arena gaan kijken.
De oerrockers in hun hometown kunnen bewonderen, was een kans die ik niet kon laten liggen. 65000 dolgedraaide Aussie’s in een joekel van een zaal, een uniek zicht. Bovendien bleken de oude knakkers van AC/DC nog bijzonder vitaal en brachten ze een twee uur durende ode aan de eeuwige jeugd. Als ik op mijn zestigste nog zo kan rondhuppelen als Angus 'the devil in his fingers, the blues in his soul' Young zal ik de Heer zeer dankbaar zijn.
En het plan nu? Ik geef mezelf een week om een tijdelijke job in de stad te vinden, maar als dat niet lukt, spring ik waarschijnlijk het vliegtuig op naar Tasmanië. Die binnenlandse vluchten kosten immers amper 79 dollar. Aanvankelijk was het plan om daar in een Boeddhistisch klooster een tiendaagse meditatieretraite te volgen (gratis kost en inwoon, enkel een donatie na afloop gevraagd), maar die cursussen beginnen op vaste data en ik heb die van februari net gemist en die van maart is te laat aangezien Anneke dan overkomt. Ach, we zien wel, en jullie lezen het volgende keer.
Ciao!




Euhh? Dat kleine zwarte puntje op diene blauwe tapisplein? Stelt dat die mega harige spin voor? Awel awel, zonet mijn vergrootglas moeten bovenhalen, gij dikke zeveraar!!
ReplyDelete:-)
Zeg maar aan al het ongedierte dat ik op komst ben. Wil gerust verstopperke spelen. Zij verstoppen zich, ik zoek ze pas de dag van mijn vertrek, hahah...
Nee, als ik zoiets tegenkom, My God, dan mag je mij met een hartaanval afvoeren!!! Mijn tenen krullen nu al...shit!!!
Home Sweetspinnenvrij Home, lieve schat ? : -)
ReplyDelete(ps : aangezien je terug naar 'tstat' bent, zal ik mijn in zeven haasten gepakte koffer met "insecten en andere beesten te lijf gaan"-ruimtepak en deegrol (eens een mama, altijd een mama, hé) maar even terug opbergen. Even, want wie wat voor bloedstollende harentenbergenrijzende lieverdjes er nog in de Outback op je wachten, grijns(je). Maar daar slingert Tarzan dan samen met Jane meppend van liaan tot liaan. Is geruststellend : -). Big hug, mijn "dappere krijger". X.
eeeeeeeeekkkkk !!! die spin
ReplyDeletebrrrrrr
tstad is beter jong.
xo
livina
'k wist 't van die spin, moest het al niet meer lezen, heb goed gelachen
ReplyDeletex later, Steven